Bron: HBO-Raad
Lerarenopleidingen leggen in Kennisbasis vast wat docenten moeten kennen en kunnen
Afgelopen zomer bepaalden hogescholen in hun nieuwe verenigingsagenda Kwaliteit als opdracht dat de kwaliteit van de hbo-bacheloropleidingen verder omhoog gaat. Vandaag presenteren de Pabo’s en de 2e graads lerarenopleidingen voor het voortgezet onderwijs de Kennisbasis aan staatssecretaris Van Bijsterveldt van onderwijs. Deze Kennisbasis normeert wat een toekomstige onderwijzer in het basisonderwijs en 2e graads docent in het voortgezet onderwijs tenminste moeten kennen en kunnen om te kunnen afstuderen. De Kennisbasis is opgesteld door experts van binnen en buiten de lerarenopleidingen.
Op de Pabo’s: Voortaan minimaal 10 uur per week reken- en taalonderwijs
Op de Pabo’s zorgt de Kennisbasis voor een aanzienlijke toename van de studielast voor het reken- en taalonderwijs. Voortaan besteedt de student per week minimaal 5 uur aan rekenen en 5 uur aan taal. Na de propedeuse en aan het einde van de opleiding wordt voortaan getoetst of studenten voldoen aan de eisen die voortvloeien uit de Kennisbasis. Zonder het halen van deze in heel Nederland identieke toetsen wordt het onmogelijk de hbo-bachelor aan de Pabo met succes af te ronden. De toetsing van de Kennisbasis is zodoende gericht op het borgen van de kwaliteit van de toekomstige onderwijzers op de basisschool.
In aanvulling hierop hebben de hogescholen in de Algemene Vergadering van de HBO-raad vorige week besloten dat het noodzakelijk is dat Pabo-studenten zich tijdens hun studie vergaand gaan specialiseren in het lesgeven aan het jonge, of juist het oudere kind. Hogescholen beraden zich nog op de vraag of het moment van de specialisatie meteen bij aanvang van de studie, of na de propedeuse moet liggen. Hierover adviseren zij staatssecretaris Van Bijsterveldt van Onderwijs komend voorjaar. Specialisatie zorgt dat Pabo-studenten zich meer kunnen verdiepen in bijvoorbeeld de ontwikkelingspsychologie van het jonge, of het oudere kind en in de vakkennis horende bij de lage, of juist de hogere klassen.
2e graads lerarenopleidingen: Meer aandacht voor vakkennis
De tweedegraads lerarenopleidingen hebben voor vrijwel alle afzonderlijke schoolvakken per lerarenopleiding een eigen Kennisbasis beschreven. De kennisbasis bestaat per schoolvak voor 50% uit vakkennis van bijvoorbeeld Frans, of Wiskunde en voor 50% uit praktijkkennis zoals pedagogiek, didactiek en praktijkstages. In het totaal gaat het om 18 Kennisbases voor de 2e graads lerarenopleidingen in de verschillende middelbare schoolvakken. Ook deze kennis zal na de propedeuse en aan het einde van de opleiding voortaan getoetst worden. Zonder het halen van deze landelijk ontwikkelde toetsen wordt afstuderen als 2e graads leraar onmogelijk. De aankomende periode zullen de lerarenopleidingen de overige kennisbases vastleggen en implementeren.
Doekle Terpstra, voorzitter van de HBO-raad in een reactie; “Dat de lerarenopleidingen samen met het werkveld en experts hebben vastgelegd wat leraren moeten kennen en kunnen, illustreert de energie die hogescholen steken in de kwaliteit van de hbo-bachelor. Wat ik spannend vind aan de Kennisbases is dat vrijblijvendheid ervan is uitgesloten, iedere toekomstige docent moet straks aan de Kennisbasis voldoen en dat betekent een echte kwaliteitsimpuls voor de kwaliteit van ons onderwijs”.

Laden...
Evenementen

Laatste reacties