Paternoster

Je hoort veel over verbreding, verdieping en verrijking. Wat houdt dat in?

Mijn zoon van 8 jaar is een jonge leerling en nu hebben ze op school besloten dat ze hem niet gaan versnellen omdat hij nog zo jong is. Hij krijgt wel verrijkingsstof, vertelde de juf maar alleen als hij het gewone werk af heeft. Hij is de beste leerling van de klas en hij haalt erg hoge cijfers, maar volgens de juf heeft hij een erg laag werktempo. Zelf zegt hij dat dit komt doordat hij alles al weet. Ik ben bang dat hij op deze manier aan die verrijking nooit toe komt. Ik wil aan zijn juf vragen om hem minder van het gewone werk te laten doen, zodat hij wel die verrijking kan doen. Is dat een goed idee?

Het is zeker een goed idee om de reguliere leerstof voor je zoon in te dikken. De vraag is of deze maatregel genoeg zal zijn. Het is trouwens vanzelfsprekend om de reguliere leerstof in te dikken zodat er tijd vrijkomt voor het andere werk. Het andere werk moet de plaats innemen van een deel van het reguliere werk. Het is dus geen “extra” werk zoals het zo vaak genoemd wordt. Het is gewoon werk maar dan op een hoger niveau. Het gaat om leerstof waar het kind op dat moment aan toe is.

De terminologie

Verbreding/verdieping en verrijking betekent niet méér werk voor de leerlingen, maar ander werk. Verbredingsstof is leerstof met een hoge moeilijkheidsgraad en een grotere nieuwswaarde dan de reguliere lesstof. Het is de bedoeling dat de betere leerling door de aangeboden verdiepingsstof vakinhoudelijk nieuwe kennis verwerft en zijn metacognitieve vaardigheden oefent. Dat laatste houdt in dat de leerling leert denken over zijn motivatie en het leerproces.

Compacten betekent het indikken van de leerstof door al het voor (hoog)begaafde leerlingen overtollige weg te laten, een speciale vorm van versnellen dus. Onder andere de Stichting Perdix draagt bij aan de verspreiding van deze methode. Dat wat overblijft moet voor deze leerlingen interessant en uitdagend genoeg zijn. De vrijkomende tijd wordt besteed aan verrijkingstaken.

Onder verrijking wordt meestal verstaan een verdieping wat betreft inhoud, gekoppeld aan uitbreiding van metacognitie (hoe leert men). Bij wiskunde valt het generaliseren van een oplossingsmethode (abstraheren) ook onder verrijking.

Verbreding, verdieping en verrijking worden vaak aangewend om te voorkomen dat een leerling moet versnellen. Dat versnellen wil de school tegenhouden omdat ze bijvoorbeeld vinden dat een kind nog erg jong is en/of wanneer ze het idee hebben dat een kind daar sociaal en emotioneel nog niet aan toe is. De meeste basisscholen echter beschikken over veel te weinig materiaal om een leerling structureel extra werk aan te bieden gedurende meerdere jaren achtereen. De redenen om niet te versnellen zijn doorgaans oneigenlijke redenen, maar dat is een andere onderwerp, waar ik nu niet op inga.

Maar wanneer eenmaal besloten wordt voor versnellen dient het altijd samen te gaan met verbreden, verdiepen en verrijken. Versnellen alleen is niet voldoende.