Volgens veel hoogbegaafde kinderen is een van de ergste dingen van het hoogbegaafd zijn gepest worden. Sommige kinderen vinden het pesten niet erg. Ze zijn in staat verder te gaan met hun bezigheden zonder dat ze zich iets aantrekken van wat anderen zeggen. Maar de meeste kinderen voelen het anders.

Wat vinden sommige hoogbegaafde kinderen van pesten?

“Ik word er moe van dat ik steeds groothoofd genoemd word.”

“Meestal doe ik mee, omdat ik bang ben dat ik geslagen word.”

“Ze begrijpen toch niet wie ik ben. Waarom laten ze me niet met rust?”

Wat kun je doen tegen pesten?

Het kan helpen wanneer je weet waarom sommige kinderen pesten. Hier volgt een aantal mogelijkheden:

  • Ze zijn jaloers op je. Ze wensen misschien dat ZIJ net zo goed op school zijn als jij.
  • Ze voelen zich in jouw buurt ondergeschikt. Ze denken dat wanneer ze jou pesten zij zich beter zullen voelen over zichzelf.
  • Ze vinden je niet leuk.
  • Ze pesten je alleen voor de lol. Alle kinderen worden gepest over iets. Wanneer je niet gepest zou worden omdat je hoogbegaafd bent, zou je waarschijnlijk gepest worden om iets anders.
  • Wanneer je vrienden je pesten/plagen kennen ze waarschijnlijk geen goede manier om tegen je te zeggen dat ze je leuk vinden. Sommige mensen zijn niet zo goed in complimenten geven.

Hoe en waarom je ook gepest wordt, je moet beslissen:

Laat je je door de pesters op je kop zitten??

De volgende keer dat je gepest wordt door iemand omdat je slim bent of omdat je ergens goed in bent, stel jezelf dan de volgende vragen. Kijk daarna of je een beter gevoel hebt over de situatie.

  1. Wie is aan het pesten? Is de mening van die persoon belangrijk voor mij?
  2. Waarom pesten ze mij? Alleen voor de lol? Omdat ze jaloers zijn? Omdat ze me niet leuk vinden?
  3. Vind ik het pesten goed? Ga ik toestaan dat ze mij klein krijgen? Of ga ik het negeren en ga ik verder met waar ik mee bezig was?

Wanneer je automatisch het pesten accepteert, heb je je gevoelens niet onder controle. Iemand anders (de pester) wel. En wanneer je je te veel druk maakt over wat andere kinderen zeggen, zul je misschien nooit in staat zijn om te doen wat je echt wil. Je zult het te druk hebben met het ieder ander naar de zin te maken. Vergeet niet: je kunt niet vrienden zijn met iedereen! Er zijn mensen die je niet mogen. Dat mag en is zelfs normaal. Stel je voor dat alle mensen op aarde elkaar aardig zouden vinden. Dan zouden er weinig boeken meer worden geschreven en weinig films meer worden gemaakt.

Tip: zoek een aantal mensen die om je geven (je ouders, broers, zussen, vriend van school, vriend van sport). Deze mensen houden van je, jij bent belangrijk voor hen. Daarom vind je het belangrijk om te weten hoe zij over jou denken. Hun mening telt. Van alle overige mensen (waaronder de pesters) is de mening niet belangrijk! Het zou bij jou dus het ene oor in en het andere oor uit moeten gaan.

Een van de kinderen zegt hierover:

“Negeer de kinderen die pesten of lach met ze mee als het je vrienden zijn. Het is niet belangrijk genoeg om je erover op te winden.”

Als dat niet werkt, volgen hier wat tips om met lastige situaties om te gaan:

  1. Adem diep en tel daarbij tot drie. Adem dan langzaam uit terwijl je telt tot zes. (Dit zal je helpen ontspannen, zodat je kunt praten zonder dat je BOOS klinkt. Je BOOS maken is namelijk precies wat de pester wil.)
  2. Sta recht en hoog met beide voeten stevig op de grond.
  3. Vraag om excuus of loop gewoon weg.
  4. Praten lucht op. Kies een volwassene die je vertrouwt en waar je je prettig bij voelt.
  5. Praat ook altijd met je ouders, zij kunnen je helpen. Erover praten is géén klikken!
  6. Vertel het tegen je leerkracht. Erover praten is géén klikken!
  7. Onthoud dat het NIET jouw schuld is. Misschien ga je dat denken. Maar niemand heeft het recht om je te pesten.
  8. Vertel pesters dat je het niet leuk vindt. Ze moeten weten dat ze je pijn doen. Houd er desnoods een spreekbeurt over (lef hebben!). Doe net of het om iemand anders gaat; de klas heeft heel goed door waar je het over hebt. Betrek je onderwijzer erbij.
  9. Lees boeken over pesten. Daar staan heel veel tips en adviezen in. Voor jezelf, voor je ouders en voor je school. In de bibliotheek vind je er ook een heleboel.
  10. Ga leuke dingen doen: wordt lid van een vereniging of club en probeer zo vrienden te maken.
  11. Leer jezelf kennen, kijk niet alleen naar je goede, maar ook naar je minder goede kanten.
  12. Probeer erachter te komen waar je goed en minder goed in bent en schaam je niet om daarbij hulp te vragen.
  13. Een keertje negatief over jezelf denken op zijn tijd is niet ernstig, maar teveel negatief denken werkt averechts; je gaat er namelijk zelf in geloven.
  14. Accepteer complimenten en laat deze niet van je afglijden.

TIPS: Heb je zelf ook tips die hier bij moeten komen, mail ze dan naar renata@www.ieku.nl.

Door je houding, je woorden, je ogen en je lichaamstaal stuur je een boodschap naar de pester:

STOP MET PESTEN!

Zal die ander stoppen? Misschien, of misschien niet. Je kunt namelijk niet altijd beïnvloeden wat andere mensen denken, zeggen en doen. Wat je wel kunt beïnvloeden is wat JIJ denkt, zegt en doet. Een belangrijk punt om te onthouden is: je hebt het recht om voor jezelf op te komen en te zeggen wat je voelt.